anathema
onzijdig (het)/anaˈtema/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (religie) vloek, banvloek, excommunicatie, kerkban
Etymologie
* Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘vervloeking’ voor het eerst aangetroffen in 1532
Vertalingen
Engelsanathema, ban, excommunication
Spaansanatema
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek