Angel

mannelijk (de)/ˈɑŋəl/

Wat is de betekenis van Angel?

Angel betekent: orgaan waarmee wespen, bijen en soortgelijke dieren steken

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. orgaan waarmee wespen, bijen en soortgelijke dieren steken
  2. vishaak

Voorbeelden van "Angel" in een zin

  • De angel van de bij blijft in de steekwond achter.
  • Gooi de angel even uit.

Betekenis en uitleg van Angel

Een angel is een stekende of bijtende structuur van bepaalde dieren, zoals bijen of schorpioenen. Het dient vaak als een verdedigingsmechanisme en kan ook gebruikt worden om prooi te vangen.

Het woord 'angel' wordt vaak gebruikt in de context van dieren die zich kunnen verdedigen of hun prooi kunnen immobiliseren. In bredere zin kan het ook figuurlijk gebruikt worden om te verwijzen naar een pijnlijke of moeilijke situatie. Dit kan variëren van een emotionele kwetsuur tot een onverwachte tegenslag.

Voorbeelden

  • Toen de bij hem stak met haar angel, voelde hij een stekende pijn in zijn arm.
  • De angel van de schorpioen is niet alleen gevaarlijk, maar ook een belangrijk onderdeel van zijn jachttechniek.
  • Ze voelde de angel van de kritiek toen haar collega’s haar presentatie afkeurden.

Woordoorsprong

Het woord 'angel' komt uit het Oudgermaanse 'angwila', wat 'steek' of 'prik' betekent, en verwijst naar de functie van dit deel als een stekende structuur.

Veelgestelde vragen over Angel

Wat is de betekenis van Angel?

Angel betekent: orgaan waarmee wespen, bijen en soortgelijke dieren steken

Hoeveel betekenissen heeft Angel?

Angel heeft 2 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.

Welk woordgeslacht heeft Angel?

Angel is een mannelijk (de).

Hoe gebruik je Angel in een zin?

Voorbeeld: “De angel van de bij blijft in de steekwond achter.

Etymologie

* In de betekenis van ‘haak, hengel’ voor het eerst aangetroffen in 1276

Uitdrukkingen

  • Iemand aan zijn angel krijgen
  • de angel uit iets halenhet moeilijke van een bepaalde kwestie oplossen

Vertalingen

Engelssting, fishhook
Fransdard, hameçon
DuitsStachel, Wehrstachel, Angelhaken
Spaansaguijón, anzuelo