Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

arbaä miniem

mannelijk/vrouwelijk (de)/ɑrbaˈʔa miˈnim/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. de plantenbundel of loelav die wordt gebruikt bij de viering van Soekot, bestaande uit een palmtak (loelav), drie mirtetakjes (hadasiem, zie: hadas), twee wilgetakjes (aravot, zie: arava) en een citrusvrucht (etrog)

Etymologie

* Herkomst: Hebreeuws, letterlijk: 'vier soorten'