argeloosheid
vrouwelijk (de)/ɑrɣə'loshɛɪt/
Wat is de betekenis van argeloosheid?
argeloosheid betekent: het argeloos zijn, (de onschuld of eenvoud van iemand, die aan geen kwaad denkt, niets kwaads vermoedt)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het argeloos zijn, (de onschuld of eenvoud van iemand, die aan geen kwaad denkt, niets kwaads vermoedt)
Etymologie
*afgeleid van argeloos
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek