aristocratie
vrouwelijk (de)/ˌarɪstokraˈ(t)si/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (politiek) regeringsvorm waarbij de heerschappij in handen is van een kleine groep, de zogenaamde aristocraten, waarvan wordt verondersteld dat zij van nature de meest geschikte bestuurders zijnLange tijd hebben filosofen en politici gediscussieerd over de voor- en nadelen van een aristocratie tegenover een democratie.
- groep van mensen die als superieur wordt gezien
Etymologie
*van "aristocratie"; op te vatten als gevormd uit "ἄριστος" [áristos] "beste, sterkste"
Vertalingen
Engelsaristocracy
Fransaristocratie
DuitsAristokratie
Spaansaristocracia
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek