assistent-trainer

mannelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. iemand die een hoofdtrainer helpt
    De 45-jarige trainer loopt al twintig jaar mee bij Heerenveen. Hij begon er als jeugdtrainer, groeide door tot hoofd van de jeugdopleiding om daarna terug te keren op het veld als assistent- en nu hoofdtrainer.
    Phillip Cocu is niet langer de manager van Derby County. De Nederlander is ontslagen vanwege de slechte resultaten van The Rams. Zijn (voorlopige) opvolger lijkt Wayne Rooney te worden, die onder Cocu speler én assistent-trainer was.

Etymologie

* , geschreven met een koppelteken volgens