assuradeur

mannelijk (de)/ɑsyra'dør/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een onderneming die verzekeringen afsluit, verzekeraar
    De assuradeur weigerde de verzekering af te sluiten.
  2. beroep (beroep) een tussenpersoon met de bevoegdheid van een verzekeraar

Vertalingen

Engelsinsurer
Fransassureur, assureuse
Spaansasegurador
Italiaansassicuratore