Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
autoboer
mannelijk (de)/ˈɑutoˌbur/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (beroep) (informeel) iemand die personenwagens verkooptSlechts drie sponsors waren niet geïnteresseerd in de televisie. De plaatselijke autoboer, de maker van de plastic foudraaltjes voor de passe-partouts en een kleine sponsor die graag gasten in Haarlem ontmoet en niet meer dan dat.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek