azen

/xxxx/

Betekenis

werkwoord
  1. voorzien van aas
    Hij aast zijn hengel met een stukje dode vis.
  2. ~ op: jagen op, naar iets streven
    Twee rivaliserende bedrijven aasden op die grote order.

Etymologie

* In de betekenis van ‘gretig verlangen’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1727