Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

bamboeboszanger

mannelijk (de)/plaatshouder taxonomie/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. zangvogels (zangvogels) een vogel in de familie van de . De bamboeboszanger is een 11 cm lang vogeltje, met een citroengele borst en olijfgroene bovendelen. De keel is wit en de kop is bovenop donker met een opvallende witte wenkbrauwstreep