bandeloosheid
vrouwelijk (de)/bɑndə'loshɛɪt/
Wat is de betekenis van bandeloosheid?
bandeloosheid betekent: het bandeloos zijn
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het bandeloos zijn
Voorbeelden van "bandeloosheid" in een zin
- De bandeloosheid van de huidige jeugd zal wel niet anders zijn dan de bandeloosheid van de vroegere jeugd.
Veelgestelde vragen over bandeloosheid
Wat is de betekenis van bandeloosheid?
bandeloosheid betekent: het bandeloos zijn
Welk woordgeslacht heeft bandeloosheid?
bandeloosheid is een vrouwelijk (de).
Wat zijn synoniemen van bandeloosheid?
Synoniemen van bandeloosheid zijn: ongeremdheid, tomeloosheid, teugelloosheid.
Hoe gebruik je bandeloosheid in een zin?
Voorbeeld: “De bandeloosheid van de huidige jeugd zal wel niet anders zijn dan de bandeloosheid van de vroegere jeugd.”
Etymologie
* afgeleid van bandeloos
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek