bangerd

mannelijk (de)/ˈbɑŋərt/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. scheldwoord (scheldwoord) iemand die overdreven snel "bang" is
    Een paar bangerds ontdeden zich al bij voorbaat van hun wapen uit vrees voor de Akwattapult, het allerergste wapen dat tegen hen in stelling kon worden gebracht. {{Aut|Herzen, Frank

Etymologie

*afgeleid van bang