baribal

mannelijk (de)/ˌbariˈbɑl/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. roofdieren (roofdieren) Amerikaanse zwarte beer
    De baribal (…), zwarte beer uit Noord-Amerika (onder andere in het Yellowstone-park) wordt veel gejaagd om de pels (berenmutsen).
    {{ouds|1864/83
  2. verouderd (verouderd) ongevoelig persoon die anderen uitfoetert
    {{ouds|1935/46

Etymologie

*[2]: mogelijk van Middelnederlands "barlebaan" "duivel"