bazaar
mannelijk (de)/ba'zar/
Wat is de betekenis van bazaar?
bazaar betekent: (handel) een (vaak overdekte) markt
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (handel) een (vaak overdekte) markt
Voorbeelden van "bazaar" in een zin
- Op een bazaar kun je vaak snel een indruk van een land krijgen.
- In zijn vrije tijd stond hij op de bazaar in Beverwijk met tweedehandsauto's en - scooters en nam sporadisch schilderwerk aan.
Etymologie
* Leenwoord uit het Perzisch, in de betekenis van ‘marktplaats’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1572
Vertalingen
Spaansbazar
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek