bedde

/ˈbɛdə/

Wat is de betekenis van bedde?

bedde betekent: (verouderd) datief van bed

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. verouderd (verouderd) datief van bed
werkwoord
  1. verouderd (verouderd) enkelvoud verleden tijd van bedden
  2. verouderd (verouderd) aanvoegende wijs van bedden

Voorbeelden van "bedde" in een zin

  • (…) een wreed opkomende griep heeft mij ter bedde neergesmakt (…)
  • Hij bedde zich opnieuw in het lome gevoel van behagen en sliep weer in.
  • Zo ik opvoer ten hemel, Gij zijt daar; of bedde ik mij in de hel, zie, Gij zijt daar.

Etymologie

*bed met de uitgang -e