bedrijfsvoerder

mannelijk (de)/bə'drɛɪsfurdər/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. iemand die de leiding heeft over een onderneming
    Gerrit Dannenberg is per 1 november de nieuwe bedrijfsvoerder van het Rijssens Museum. Hij aanvaarde de functie die tot nu toe door de gemeente werd vervuld.
    Overal waar VBO-topman Pieter Timmermans komt, krijgt hij dezelfde vraag te horen van werkgevers: ‘Denk je dat we binnenkort nog een regering hebben?’ Bedrijfsvoerders zien met lede ogen aan hoe de regering-Michel dreigt te vallen over het VN-Migratiepact.