belastinginspecteur

mannelijk (de)/bə'lɑstɪŋɪnspɛktør/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. beroep (beroep) hoofd van de belastingdienst aan wie de feitelijke uitvoering van de belastingwetten is opgedragen
    Een Nederlandse belastinginspecteur gaf de Amerikaanse multinational Procter & Gamble in zijn eentje toestemming om 676 miljoen dollar onbelast naar de Kaaimaneilanden te sluizen. Daardoor liep de Nederlandse schatkist 169 miljoen dollar (ruim 145 miljoen euro) mis [https://www.nu.nl/binnenland/4995749/nederlandse-fiscus-liet-procter--gamble-676-miljoen-dollar-onbelast-wegsluizen.html www.nu.nl]