belopen

/xxxx/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) ergens overheen lopen
    Als het gras alsmaar zo belopen wordt, krijg je kale plekken.
  2. een geschat bedrag hebben
    De schade beloopt zeker tien miljoen euro.

Etymologie

*Afgeleid van lopen

Vertalingen

Engelsamount to
Duitsbelaufen, belaufen
Spaansascender a, importar