beoefenen
/bəˈʔufənə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (ov) bij regelmaat zich in iets bekwamenKunst beoefenen.De Elamitische taal wordt maar door zeer weinigen beoefend.
- tweede betekenisomschrijvingZin met het beoefenen in de tweede betekenis erin.
- enz.
Etymologie
*Afgeleid van oefenen
Vertalingen
Engelsstudy, cultivate
Spaansestudiar, cultivar
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek