beraad

onzijdig (het)/bəˈrat/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. zorgvuldige gezamenlijke of innerlijke afweging van feiten en meningen
    Toen het ongeluk gebeurde moest er snel beraad gevoerd worden met alle hulpdiensten.
    Na intern beraad hebben we besloten dat het, ondanks je geweldige staat van dienst, op dit moment niet verstandig is de column over binding en hechting te introduceren in ons volgende nummer.
    Op de zevende dag van hun beraad zijn ze met dit unanieme oordeel gekomen.

Etymologie

*van Middelnederlands "beraet", in de betekenis van ‘overleg’ aangetroffen vanaf 1265

Uitdrukkingen

  • na rijp beraad
  • in beraad houden

Vertalingen

Engelsreflection, consideration, deliberation
Spaansreflexión, deliberación
Poolsnarada