beschuit

mannelijk/vrouwelijk (de)/bə'sxœyt/

Wat is de betekenis van beschuit?

beschuit betekent: (voeding) een licht, tweemaal gebakken baksel van tarwe

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. voeding (voeding) een licht, tweemaal gebakken baksel van tarwe

Voorbeelden van "beschuit" in een zin

  • Hoe vaak eet jij een beschuitje?
  • Bij de geboorte van de baby eten wij beschuit met muisjes.
  • Helaas was het pas het begin. Na drie dagen in bed met een dieet van water, appelsap en beschuit, wilde mijn vrouw haar benen strekken.

Etymologie

*komt van het Latijnse bis (tweemaal) en het Franse cuire (koken, bakken).

Vertalingen

Engelsbiscuit rusk
Fransbiscotte
DuitsZwieback
Spaansbizcocho
Italiaansfetta biscottata