besef

onzijdig (het)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een reëel bewustzijn, notitie
    Het duurde heel lang tot hij het besef kreeg dat hij zijn examen niet vanzelf zou kunnen halen.
    Alle besef van tijd raakte ik kwijt en ik wist niet meer precies welke dag van de week het was.
    Toen ze eenmaal in de bus zat, dreigde ieder besef van de tijd of van wat voor dag het was haar te ontglippen.

Etymologie

*Afgeleid van beseffen

Vertalingen

Engelsnotion, awareness, consciousness
Fransnotion
DuitsBewusstsein, Erkenntnis
Spaansnoción