bestoken
/bəˈstokə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (ov) met projectielen proberen te rakenHet kasteel werd met kanonnen bestookt.Het Russische leger boekt al dagen geen noemenswaardige militaire vorderingen, maar blijft steden bestoken en burgerslachtoffers maken.
- (ov) (figuurlijk) verbaal lastigvallenHij werd met veel lastige vragen bestookt.Hoewel het moeilijk was om haar vriendin niet met vragen te bestoken, hield ze haar lippen stijf op elkaar.
Etymologie
*[B]--> maar met een klinkerwisseling ee-oo (/e/ - /oː/)
Vertalingen
Engelsharass, press hard
Spaanshostilizar
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek