betichten

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) iemand op valse gronden beschuldigen
    Iemand betichten van oplichting.
    We zien ook dat de expert bij het afbreken van de overeenkomst het slachtoffer beticht van wanprestatie.[http://www.slachtofferinformatie.nl/vragen-en-antwoorden-over-letselschade-/buitengerechtelijke-kosten-hoe-zit-dat-.html Buitengerechtelijke kosten ---- hoe zit dat?], slachtofferinformatie.nl

Etymologie

*afgeleid van het Middelnederlandse ticht

Vertalingen

Engelsaccuse, blame
Duitsbeschuldigen, bezichtigen
Spaansachacar, acriminar, acusación