bezocht
/bəˈzɔxt/
Betekenis
werkwoord
- bezoekers ontvangendDe site van Perry was het laatst bezochte adres.Mijnheer bezocht op dat moment de West- Indische Compagnie.Hij bezocht een galerie? Dat wist ik niet.
- getroffen door onheil
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek