Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

bijenschans

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈbɛijə(n)ˌsxɑns/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. landbouw (landbouw) constructie die een beschutte plaats vormt voor bijenkorven
    Een bijenschans was een (gewoonlijk) carrévormige aarden wal, een meter of tien bij tien, rond veertig tot zestig bijenkorven. Een schans was het: dichte begroeiing op de kruin van het zandlichaam completeerde de verdediging van de bijen.
    De genoemde „Iemhèègezal” wel een vierkant geweest zijn, omgeven door walletjes, met eikenhakhout begroeid: bijenschans geheten. Het is, in verband met de economische betekenis van dergelijke bijenschansen in vroeger tijd, niet onmogelijk dat een aantal veldnamen „Schans” hierop berusten; een synoniem is oostveluws {{sic!