Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
bijna-moedertaalspreker
mannelijk (de)/ˈbɛinaˌmudərtalˌsprekər/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (taalkunde) persoon die een vreemde taal bijna zo goed beheerst als een persoon die is opgegroeid met deze taal
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek