biotechniek
vrouwelijk (de)/'bijotɛxnik/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (biologie) het gebruik van (door genetische manipulatie geschikt gemaakte) bacteriën, schimmels en gisten in productietechniekentot de doelstellingen van de biotechniek behoren o.a. het kweken van organen en de correctie van genetische afwijkingen
Etymologie
*afgeleid van techniek
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek