bisschop
Wat is de betekenis van bisschop?
bisschop betekent: (religie) (beroep) een christelijke geestelijke die aan het hoofd staat van een bisdom
Betekenis
- (religie) (beroep) een christelijke geestelijke die aan het hoofd staat van een bisdom
Voorbeelden van "bisschop" in een zin
- Hij is al jaren een residerende bisschop.
- Paus Franciscus heeft zaterdag nieuwe regels uitgevaardigd die het makkelijker moeten maken bisschoppen en leiders van religieuze ordes uit het ambt te zetten die seksueel misbruik door geestelijken hebben geprobeerd te verhullen of te bagatelliseren. [https://www.nrc.nl/nieuws/2016/06/06/maatregel-paus-bisschoppen-sneller-uit-ambt-na-v-1626608-a1028840 NRC 6 juni 2016]
- Myra is een stadje in Lycië, aan de zuidkust van Turkije. Daar hebben twee bisschoppen gewoond die Nicolaas heetten. De eerste leefde in het begin van de vierde eeuw en de geleerden zijn het nog steeds niet met elkaar eens of over hem iets met zekerheid kan worden gezegd.
Betekenis en uitleg van bisschop
Een bisschop is een hoge geestelijke binnen de christelijke kerk, verantwoordelijk voor het leiden van een bisdom en het toezicht houden op de activiteiten van andere priesters. Vaak wordt hij gezien als een brug tussen de gelovigen en de hogere gezagsstructuren van de kerk.
Het woord 'bisschop' wordt vaak gebruikt in religieuze contexten, vooral binnen de katholieke en orthodoxe tradities. Bisschoppen spelen een belangrijke rol tijdens religieuze ceremonies, zoals wijdingen en sacramenten, en zijn betrokken bij het maken van kerkelijke besluiten. In bredere zin kan het woord ook symbolisch gebruikt worden om autoriteit of leiding binnen een organisatie aan te duiden.
Voorbeelden
- De bisschop leidde de mis en sprak over de noodzaak van gemeenschap en saamhorigheid.
- Tijdens het synode werd de bisschop gevraagd om zijn visie te delen over de toekomst van de kerk.
- In de stad stond een oude kathedraal waar de bisschop regelmatig bijeenkomsten organiseerde.
Woordoorsprong
Het woord 'bisschop' is afgeleid van het Latijnse 'episcopus', wat 'toezichter' of 'bewaker' betekent, en heeft zijn oorsprong in de vroege christelijke gemeenschappen.
Veelgestelde vragen over bisschop
Wat is de betekenis van bisschop?
bisschop betekent: (religie) (beroep) een christelijke geestelijke die aan het hoofd staat van een bisdom
Welk woordgeslacht heeft bisschop?
bisschop is een mannelijk (de).
Hoe gebruik je bisschop in een zin?
Voorbeeld: “Hij is al jaren een residerende bisschop.”
Etymologie
*Komt van het Latijnse episcopus (bisschop) en van het Griekse episkopos (iemand die toezicht houdt), wat op haar beurt van het Griekse epi (naar) en skopeo (ik kijk naar) komt.