bleekzucht
mannelijk/vrouwelijk (de)/'bleksʏxt/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het saai en kleurloos zijnOok de band van vibrafonist en marimbaspeler Ben Gerritsen wist eerder op de avond in het BIMhuis verre te blijven van bleekzucht en gemakkelijk succes. Gerritsen is geen revolutionair of hemelbestormer, maar hij weet binnen de tonale en ritmische tradities gewoon frisse ideeen te opperen om niet te gaan vervelen. NRC Frans van Leeuwen 8 oktober 1990 [https://www.nrc.nl/nieuws/1990/10/08/bossanovas-vol-sensualiteit-en-humor-6943261-a470951 Bossanova's vol sensualiteit en humor]De man in kwestie is de jonge hertog Jean Floressas des Esseintes. Als laatste telg van een incestueus geslacht vertoont hij alle kenmerken van degeneratie: hij is bleekzuchtig, verzamelt onnutte kennis en balanceert constant op de rand van een zenuwinzinking. De Standaard 13 MEI 2011 Alexandra De Vos [http://www.standaard.be/cnt/3r39uho4 Tegen de keer - J.-K. Huysmans]
- bloedarmoede, anemie
Vertalingen
Engelschlorosis, hypochromic anaemia
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek