blindelings
ˈblɪndəˌlɪŋs
Wat is de betekenis van blindelings?
blindelings betekent: in den blinde gebeurend
Betekenis
bijvoeglijk naamwoord
- in den blinde gebeurend
- zonder kennis van zaken
bijwoord
- zonder te zien
- in het wilde weg, zonder overleg, op goed geluk
- zonder zich een eigen oordeel te vormen
Voorbeelden van "blindelings" in een zin
- Hij moest blindelings zijn weg zien te vinden in de donkere gang.
- Hij wist de weg zo goed dat hij blindelings de weg kon vinden.
- Hij probeerde door blindelings op een paar knoppen de drukken de lift weer in beweging te krijgen.
- Hij volgde blindelings zijn partijleider.
Etymologie
In de betekenis van ‘bijwoord van hoedanigheid: zonder te kijken’ voor het eerst aangetroffen in 1562
Vertalingen
Fransaveuglément
Spaansciegamente
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek