boa

mannelijk (de)/ˈbowa/

Wat is de betekenis van boa?

boa betekent: (reptielen) wurgslang uit de onderfamilie , sommige soorten kunnen erg lang worden

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. reptielen (reptielen) wurgslang uit de onderfamilie , sommige soorten kunnen erg lang worden
  2. kleding (kleding) slinger van vogelveren, bont of zachte stof die door vrouwen om hals en schouders wordt gedrapeerd als onderdeel van feestelijke kleding
zelfstandig naamwoord
  1. juridisch (juridisch) (Nederland) buitengewoon opsporingsambtenaar: iemand die vanwege zijn functie de wettelijke bevoegdheid heeft gekregen om mensen aan te houden en te bekeuren die bepaalde wettelijke bepalingen overtreden
  2. ordehandhaving, beroep (ordehandhaving) (beroep) iemand die namens de gemeente optreedt tegen wangedrag in de openbare ruimte

Voorbeelden van "boa" in een zin

  • Met het lichaam in een knoop die zelfs voor een boa een pittige opgave zou zijn.
  • De oranje boa is van Sonia Rykiel, die heb ik in het begin van het millennium in Parijs gekocht.
  • Vroeger had Nederland de veldpolitie en het buitengebied was haar exclusieve werkterrein. Door wijzigingen in de politieorganisatie is deze tak van de politie uit het buitengebied verdwenen. Het toezicht wordt nu onder meer gedaan door een groot korps vrijwilligers, onder wie veel jagers en lokale jagersverenigingen, samen met buitengewoon opsporingsambtenaren. Anders dan de veldpolitie heeft de boa minder bevoegdheden, tijd en middelen om op te treden tegen criminaliteit. Op vormen van georganiseerde stroperij is de boa niet toegerust.
  • Zodra de boa’s het pleintje opreden, waren de jongens op hun scooters via het trottoir weggeracet.
  • Matthijs en Bryan zijn buitengewoon opsporingsambtenaar (boa) in de openbare ruimte. Hun taak: de leefbaarheid op straat handhaven. Ze mogen bekeuringen uitdelen voor wildplassen, fout parkeren, alcohol drinken op straat of afval neerzetten op een verkeerde plek. Ze zijn niet verantwoordelijk voor veiligheid en openbare orde: dat is het werk van de politie.

Etymologie

*[B] (letterwoord)

Vertalingen

Engelsboa
Fransboa
DuitsBoa
Spaansboa
Italiaansboa
Portugeesboa, boá, jibóia