bondslid

onzijdig (het)/'bɔntslɪt/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. iemand die lid is van een vakbond
    Voor zover bekend is Aldo van der Laan geen bondslid. Tubantia 03-03-16, [https://www.tubantia.nl/fc-twente/munsterman-moet-vrezen-voor-royement-knvb~a75ee74f/ Munsterman moet vrezen voor royement KNVB]
  2. lid van een sportbond
    De voormalige Deense voetbalvedette Michael Laudrup wordt geen bondscoach van Denemarken. Hij werd benaderd, maar past voor de functie, meldde een bondslid van de Deense voetbalfederatie DBU. De Standaard 23/11/2015 [http://www.standaard.be/cnt/dmf20151123_01985068 Michael Laudrup past voor Deense nationale elf]

Vertalingen

Engelsunion member, unionist