bonnetterie

vrouwelijk (de)/ˌbɔnətəˈri/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. bedrijf (bedrijf) winkel die geweven en gebreide producten verkoopt
  2. verzamelnaam voor geweven en gebreide producten

Etymologie

*van "bonneterie", op te vatten als afgeleid van "bonnet" , in de betekenis van ‘textielwinkel’ aangetroffen vanaf 1865