Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
bonte krokus
mannelijk (de)/plaatshouder taxonomie/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (bloemplanten) een bolgewas uit de lissenfamilie (). De wilde plant komt voor in de gebergten van Midden- en Zuid-Europa en groeit daar op allerlei grazige plaatsen. In de grond zit een stengelknol met vlezige schubben. In het voorjaar verschijnen tegelijkertijd bladeren en bloemen uit een witachtige schede
Etymologie
* (coll)
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek