Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
boogdeur
mannelijk/vrouwelijk (de)/ΛboΙ£dΓΈr/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (bouwkunde) beweegbare, aan de bovenkant halfronde afsluiting van de toegang tot een ruimteEen boogdeur gaat open, Aage is daar.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek