woorden
boek
Start
›
B
›
boomkor
boomkor
mannelijk/vrouwelijk (de)
/ˈbomkɔr/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
een visnet dat aan de voorkant open wordt gehouden door een 'boom' en dat over de bodem getrokken wordt
Verwante woorden
Boom
boomaanplant
boomaanplanting
boomaanplantingen
Boomaars
Boomaerts
Booman
boombal
boombalfestival
boombast
boombasten
boombeheer
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← Boomkleverstraat
boomkorren →