boomschors
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈbomsxɔrs/
Wat is de betekenis van boomschors?
boomschors betekent: het dode buitenste deel van de bast van een boom
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het dode buitenste deel van de bast van een boom
Voorbeelden van "boomschors" in een zin
- Hoeveel boomschors zou er nou helemaal om zo'n boom heen zitten?
Veelgestelde vragen over boomschors
Wat is de betekenis van boomschors?
boomschors betekent: het dode buitenste deel van de bast van een boom
Welk woordgeslacht heeft boomschors?
boomschors is een mannelijk/vrouwelijk (de).
Hoe gebruik je boomschors in een zin?
Voorbeeld: “Hoeveel boomschors zou er nou helemaal om zo'n boom heen zitten?”
Vertalingen
Engelsbark
Fransécorce
DuitsBorke, Rinde
Spaanscorteza de árbol
Zweedsbark
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek