Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
boomsuikerkorst
mannelijk/vrouwelijk (de)/plaatshouder taxonomie/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (zakjeszwammen) een korstmossoort uit de familie . Hij groeit op bomen. Boomsuikerkorst is een korstvormig korstmos. Het thallus is heldergroen tot bruinachtig, gebarsten en minutieus maar opvallend bedekt door ronde wratten, vaak met groene soralen, die het thallusoppervlak kunnen domineren. Het thallus is klein, tot 2 cm diameter
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek