Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
boszwartkoren
/plaatshouder taxonomie/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (bloemplanten) een eenjarige plant uit de bremraapfamilie (). Hij komt voornamelijk voor in de naaldbossen van bergachtige streken in Noord-Europa. De plant behoort tot de halfparasieten
Etymologie
* "boszwartkoor" met de uitgang -en
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek