brancard
mannelijk (de)/brɑŋˈkar/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (medisch) een draagbaar bedoeld om patiënten te vervoeren die niet ambulant zijnEr kwamen verzorgers het veld op met een brancard om de geblesseerde speler van het veld te dragen.
Etymologie
* Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘draagbed’ voor het eerst aangetroffen in 1847
Vertalingen
Engelsstretcher, gurney
Fransbrancard, civière
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek