busrit

mannelijk (de)/'bʏsrɪt/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een korte reis met een autobus
    De busrit is voor Stijn geen pretje. Misselijk hangt hij tussen de anderen op de achterbank. De achterbank is voor de stoere jongens. {{Aut|Dam, Arend
    Voorlopig geldt er een proefperiode van zes maanden. Nadien wordt het project geëvalueerd. Minister Pascal Smet tekende present voor de eerste busrit van de campus richting het stadscentrum. de Standaard MAANDAG 13 NOVEMBER 2017
    Hoek gaat door in de KNVB-beker. De Zeeuwen wonnen na een lange busrit nu wel de strafschoppenserie van FC Lisse. De reeks eindigde op het Lisser sportpark Ter Specke in 6-5 voor de Zeeuwse ploeg. Tubantia Tijani Goullet 11-oktober-2017

Vertalingen

Engelsbus trip, bus ride