bustrip

mannelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een korte reis die men maakt met een touringcar
    Toen we halverwege de bustrip te horen kregen waar we naartoe gingen - het Stedelijk Museum - viel de sensatie snel uiteen in plakjes teleurstelling. Met vijftig scholieren sjokte ik naar binnen, waar ik oog in oog kwam te staan met een blauwe monochroom. Tsja.' Het Parool Ellen den Hollander 04-05-18 [https://www.parool.nl/kunst-en-media/laatste-gesprek-met-joost-zwagerman-over-stilte-en-zelfverdwijning~a4139517/ A. Plukker & K Visbeen 10 september 2015]
    Het is de verzamelplek van de zogenoemde kleptocraten-tour: een bustrip langs peperdure panden die in handen zijn van dubieuze Russische investeerders. “Vice-premier Igor Shoevalov kocht dat appartement voor 11,4 miljoen pond”, zegt Rachel Davies van anti-corruptieorganisatie Transparency International. Tubantia S. van Kleef 5 april 2018, [https://www.tubantia.nl/buitenland/superrijke-russen-blijven-luxe-leven-in-vijandig-londen~ad70cb52/ Superrijke Russen blijven luxe leven in vijandig Londen]