cantate

mannelijk/vrouwelijk (de)/kɑn'tatə/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. muziek (muziek) een muzikale compositie voor een of meer zangers, begeleid door instrumenten
  2. religie (religie) vroegere benaming van de vierde zondag na Pasen

Etymologie

* Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘zangstuk’ voor het eerst aangetroffen in 1777

Vertalingen

Engelscantata
Franscantate
DuitsKantate
Spaanscantata