Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

carbonaatsteen

mannelijk (de)/ˌkɑrboˈnatsten/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. mineralogie (mineralogie) hard materiaal in de bodem, bestaand uit verbindingen met CO32--ionen met calcium en vaak ook magnesium en ijzer
    Venus raakte met het water zijn thermostaat kwijt, aangezien water nodig is als smeermiddel voor de bewegingen van tektonische platen en voor het onttrekken van CO2 aan de atmosfeer om carbonaatsteen te kunnen vormen.
  2. techniek (techniek) slijpsteen bestaand uit metaalcarbonaat
    Voor het slijpen van de ijzers gebruikt hij carbonaatsteen.
  3. medisch (medisch) klontje van verbindingen met CO32--ionen dat zich in de urinewegen vormt
    De calciumfosfaat- en carbonaatsteen ziet men voornamelijk bij een ontsteking van de urinewegen door bacteriën die de urine sterk alkalisch maken, waardoor fosfaten en carbonaten neerslaan.