Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
carbonaatsteen
mannelijk (de)/ˌkɑrboˈnatsten/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (mineralogie) hard materiaal in de bodem, bestaand uit verbindingen met CO32--ionen met calcium en vaak ook magnesium en ijzerVenus raakte met het water zijn thermostaat kwijt, aangezien water nodig is als smeermiddel voor de bewegingen van tektonische platen en voor het onttrekken van CO2 aan de atmosfeer om carbonaatsteen te kunnen vormen.
- (techniek) slijpsteen bestaand uit metaalcarbonaatVoor het slijpen van de ijzers gebruikt hij carbonaatsteen.
- (medisch) klontje van verbindingen met CO32--ionen dat zich in de urinewegen vormtDe calciumfosfaat- en carbonaatsteen ziet men voornamelijk bij een ontsteking van de urinewegen door bacteriën die de urine sterk alkalisch maken, waardoor fosfaten en carbonaten neerslaan.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek