caroteen
onzijdig (het)/karo'ten/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (scheikunde) gele tot oranjerode kleurstof (C40Hx) in planten
Etymologie
*van het Latijnse 'carota' (peen)
Vertalingen
Engelscarotene
Spaanscaroteno
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek
*van het Latijnse 'carota' (peen)