castrum

onzijdig (het)/'kɑstrʏm/

Wat is de betekenis van castrum?

castrum betekent: een vesting of kleine nederzetting waarin soldaten gelegerd waren

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een vesting of kleine nederzetting waarin soldaten gelegerd waren

Voorbeelden van "castrum" in een zin

  • Niet lang daarna woont een heer van Diepenheim in zijn castrum, een stadje met soldaten, bij watermolen De Haller, één van de oudste watermolen van ons land.
  • Bij Castrum Peregrini is tussen 1942 en 1986 sprake geweest van seksueel overschrijdend gedrag. Spilfiguur van het culturele genootschap Wolfgang Frommel heeft zich schuldig gemaakt aan misbruik van 12- tot 16-jarigen, die in sommige gevallen bedwelmd werden.

Etymologie

* uit het Latijn