cayennepeper
mannelijk (de)/ka'jɛnəpepər/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (landbouw) bepaalde cultivar van uit de nachtschadefamilie ()
- (specerij) (verse of gedroogde) vrucht van of gebruikt als scherpe specerij
Etymologie
* Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘gemalen Spaanse peper’ voor het eerst aangetroffen in 1847
Vertalingen
Engelscayenne pepper, cayenne
Franspoivre de Cayenne
DuitsCayennepfeffer
Spaanspimienta de Cayena, ají, ají chile
Italiaanspepe di cayenna
Portugeespimenta-caiena
Russischперец кайенский
Chinees牛角椒
Japansカイエンペッパー
Koreaans카옌고추
Arabischفليفلة حريفة
Poolspieprz cayenne
Zweedscayennepeppar, kajennpeppar
Deenscayennepeber
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek