cellofaan
onzijdig (het)/sɛlo'fan/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- transparant materiaal gemaakt van cellulose, in dunne vellen gewoonlijk in gebruik voor vochtdicht afsluiten van etenswarenHet vlees zit in een cellofaantje verpakt.
- oude bioscoopfilms zijn gemaakt van cellofaan.
Etymologie
* Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘doorzichtig verpakkingsmateriaal’ voor het eerst aangetroffen in 1934
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek