chirurg

mannelijk (de)/ʃi'rʏr(ə)x/

Wat is de betekenis van chirurg?

chirurg betekent: (medisch) (beroep) een specialist die operaties verricht

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. medisch, beroep (medisch) (beroep) een specialist die operaties verricht

Voorbeelden van "chirurg" in een zin

  • De chirurg was bij de operatie aanwezig.

Betekenis en uitleg van chirurg

Een chirurg is een arts die gespecialiseerd is in het uitvoeren van operaties. Ze hebben uitgebreide kennis van het menselijk lichaam en gebruiken deze vaardigheden om ziekten te behandelen of verwondingen te herstellen.

Het woord 'chirurg' wordt vaak gebruikt in medische contexten, vooral wanneer het gaat om ingrepen die chirurgie vereisen. Chirurgen kunnen zich specialiseren in verschillende gebieden, zoals hartchirurgie of orthopedie. Het vak vereist niet alleen technische vaardigheden, maar ook een goed inschattingsvermogen en empathie voor patiënten.

Voorbeelden

  • Na het ongeluk moest hij snel naar de chirurg om zijn gebroken arm te laten opereren.
  • De chirurg legde geduldig uit wat er tijdens de operatie zou gebeuren.
  • Haar droom was altijd geweest om chirurg te worden en levens te redden.

Woordoorsprong

Het woord 'chirurg' komt van het Griekse 'cheirourgos', wat 'handwerker' of 'handeling met de hand' betekent.

Veelgestelde vragen over chirurg

Wat is de betekenis van chirurg?

chirurg betekent: (medisch) (beroep) een specialist die operaties verricht

Welk woordgeslacht heeft chirurg?

chirurg is een mannelijk (de).

Wat zijn synoniemen van chirurg?

Synoniemen van chirurg zijn: heelkundige.

Hoe gebruik je chirurg in een zin?

Voorbeeld: “De chirurg was bij de operatie aanwezig.

Etymologie

* Leenwoord uit het Duits, in de betekenis van ‘heelkundige’ voor het eerst aangetroffen in 1877

Vertalingen

Engelssurgeon
Franschirurgien
DuitsChirurg
Spaanscirujano, quirurgo
Italiaanschirurgo
Japans外科医, げかい, gekai
Poolschirurg
Zweedskirurg